Dinsdag 21 juli 2015
Gevoelsmatig heeft de vlucht niet extreem lang geduurd. Er
was veel afwisseling tussen film kijken, spelletjes spelen, kletsen en slapen.
Ik denk dat ik het hele stuk boven India geslapen heb, dat zal zo’n twee uren
geweest zijn. Toen we waren geland duurde het lang voordat we uit het vliegtuig
kwamen, we zaten immers helemaal achterin het vliegtuig. Toen we eenmaal uit
het vliegtuig kwamen, kwamen we opnieuw achteraan te staan in een mega-lange
rij voor de douane. Alle rijen krompen, behalve de onze. Hierdoor konden we wel
even staan en wennen aan de nieuwe geuren en omgeving. Ook konden we de toiletten
uittesten en voor de deur staan wachten, want van een slot op de deur was geen
sprake. Binnen was het nog niet heet, zoals ik wel had verwacht.
We hebben lang in de rij staan wachten, we konden gelukkig
wel wat kletsen met elkaar en het was erg gezellig. Maar eenmaal bij de douane
kwam ik er ook achter waarom het zo lang had geduurd. De man kon amper een
woord Engels spreken en hij grapte wat in het rond. Waar Paul en ik ook in
trapten, want hij wees naar Paul toen ik bij hem stond en vroeg aan mij “is
that your nephew?”. Waardoor ik natuurlijk omkeek en hij helemaal in een deuk
lag.. tsja..
Nadat we onze tassen hadden, gingen we nog een laatste
plaspauze houden. Waardoor we bij de banden voor de bagage kwamen, dit was nog
al wat, alle mensen daar (voornamelijk mannen) stonden daar te schreeuwen en
maakten gekke geluiden. Daarna zijn we richting de uitgang gelopen en kregen we
een rose of een witte gladiool, het was een prachtig gebaar richting onze groep
om ons welkom te heten. Met de gladiool in onze hand stapten we naar buiten en
daar merkten we inderdaad de luchtvochtigheid en warmte van Bangladesh. Het
zweet brak ineens uit, iedereen begon met glimmen en brilglazen werden wazig.
Als we om ons heen keken zagen we allemaal hoge hekken en
daar stonden allemaal mensen achter naar ons te kijken. Het gaf een apart gevoel,
we wisten niet helemaal goed wat we moesten denken en voelen. Nadat we onze
tassen in de truck hadden gelaten konden we lopend naar de bus.
In het kleine, warme stukje wat we gelopen hebben werden we aangekeken door heel veel mensen. Vrouwen in de meest prachtige kleurrijke jurken, kinderen en allerlei verschillende mannen. De een had een oranje baard, de ander geen baard, maar over het algemeen zijn de mensen erg klein.
In het kleine, warme stukje wat we gelopen hebben werden we aangekeken door heel veel mensen. Vrouwen in de meest prachtige kleurrijke jurken, kinderen en allerlei verschillende mannen. De een had een oranje baard, de ander geen baard, maar over het algemeen zijn de mensen erg klein.
Het was een erg luxe bus waar we in terecht kwamen, zeker in
vergelijking met de verschillende auto’s en bussen die we zagen staan op de
paarkeerplaats. De rit door Dhaka was indrukwekkend, bij de eerste rotonde
stonden we al helemaal vast tussen alle bussen, tuktuk’s, riksja’s en ander
verkeer. Iedereen toetert naar elkaar en er lopen allerlei dieren over straat. Het
is een kwestie van voorrang nemen en toeteren. Als we door down town Dhaka
rijden zie je overal metalen platen huisjes. Je kan zien dat men hier over het
algemeen veel buiten leeft, want de huisjes zijn absoluut niet groot. De meeste
fietsenhokken in Nederland zijn nog groter of luxer. En dan besef ik me dat ik
nog maar net op de plaats van bestemming ben en dat het me al aangrijpt hoe de
mensen hier leven. Er zitten geen ramen in de kleine huisjes en ze liggen
alsware helemaal in de greppel. Het maakt me nieuwsgierig hoe ze ervan binnen
uit zien en wie weet kom ik er nog achter in de komende drie weken.
De stad wordt afgewisseld met zulke metalen krotjes en grote
appartementencomplexen. Zo bizar, hoe arm en rijk afgewisseld wordt. Onderweg
heb ik langs de weg honden, kippen, koeien, katten enzovoort gezien. Alles
loopt over straat en het zorgt weer voor veel getoeter. De tuktuks en riksja’s
(fietstaxi’s) gaan kriskras door het andere verkeer heen, er is 1 woord voor
het verkeer hierzo en dat is: CHAOS! Maar gelukkig is onze buschauffeur een
ervaren toeterraar en manoeuvreert hij zich prima door het chaotische verkeer
heen. Ik zat op de 2e rij van de bus, dus ik kon af en toe door het
voorraam kijken. Nou ik zal je vertellen dat is niet altijd een aanrader. Vaak
gaat het net op het nippertje goed en hoor je weer getoeter.
Om richting Khulna te reizen moesten we de rivier e Padma
oversteken, dit deden we door op een feerry te gaat met de bus. De ferry werd
helemaal vol overgebracht met allerlei andere auto’s, motoren, vrachtauto’s en bussen,
het leek wel een soort tetris. In Fardipur hebben we een korte pauze gehad, er
was thee en cola en hele hete nootjes, die zeker even uitgetest moesten worden.
We konden merken dat we allemaal niet goed hadden geslapen,
want tijdens de hobbelige route is iedereen is slaap gewiegd. Als ik dan toch
even de ogen open had zag ik een mooie groene natuur, met veel mensen langs de
weg en spelende kinderen in het water. Dieren op en langs de weg. En de
typische tuktuks met stapels en stapels spullen. Na uren in de ijskoude bus
(Ja, de airco werkte perfect! Gevoelstemperatuur was iets van 0 graden) zijn we
aangekomen bij Rev. Abdul Wahud Memorial Hospital.
Het Rev. Abdul Wahud Memorial Hospital heeft een groot terrein,
waar een hek omheen staat. De bouwplaats is direct zichtbaar, de fundering en
de eerste verdieping is al klaar, dus alleen het skelet van het gebouw staat.
Alleen de muren met daarbij de ramen moeten er nog in komen. Want het plafond
wordt op dit moment omhoog gehouden door bamboe.
In ons verblijf (het appartement waar normaal de zusters en
sommige dokters verblijven) hebben we de kamers verdeeld en de klamboe’s
opgehangen. Dat was een hele uitdaging, maar ik was blij met mijn
opklapklamboe. Het zal alleen nog een hele uitdaging worden op hem weer in te
klappen, maar het uitklappen ging perfect!
Om drie uur s ’middags hadden we onze eerste lunch hierzo,
verassend genoeg was het rijst. De eerste keer rijst van de vele keren rijst
die we zouden krijgen, vermoed ik. Het scheelt dat ik er al op ingesteld ben,
ik hoop dat de rest van de groep ook er op ingesteld is.
De tafels waren ingedekt, maar we zagen direct dat niet alles aanwezig was. Het bestek mistte, dus we gingen eten op de Bengaalse stijl: met onze handen zonder bestek. Ik kreeg zoveel opgeschept door Abdul dat ik het echt amper op kon krijgen. Ik heb wel zoveel mogelijk doorgezet, maar het ging me echt niet lukken.
De tafels waren ingedekt, maar we zagen direct dat niet alles aanwezig was. Het bestek mistte, dus we gingen eten op de Bengaalse stijl: met onze handen zonder bestek. Ik kreeg zoveel opgeschept door Abdul dat ik het echt amper op kon krijgen. Ik heb wel zoveel mogelijk doorgezet, maar het ging me echt niet lukken.
We konden daarna lekker rustig aan doen en wat relaxen. Om 19:00
aten we ons avondeten, rijst, vis, boontjes met kip. Het was een goede
maaltijd, met deze keer al bestek. Dus dat ging ook nog eens extra makkelijk!
Na het eten zijn Mattias en ik bij de apotheek gaan zitten
om ons GMG van de volgende dag voor te bereiden. Daarnaast hebben we de dag ook
even door gesproken en hoe we alles ervaren hebben. Cees zat ook bij de
apotheek, bij de apotheek is WiFi, dus dat is echt een luxe probleem!! Niet dat
het voor ons nodig is, want niemand heeft een telefoon o.i.d. bij zich. Maar
Cees kan zo de berichten makkelijk uploaden op de website van World Servants en
de groetjes lezen. De eerste groetjes zijn al binnen! Er zijn ook al enkele
voor mij binnen, maar Cees houdt ze nog goed geheim.. waah veel te spannend
voor mij! ;)
Liefs, Janny